Lid raad van commissarissen – expertise Research & Development

Brabantse Ontwikkelings Maatschappij (BOM) - Tilburg
02-10-2020    2020-05825   

1.  Over de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij

De Brabantse Ontwikkelings Maatschappij (BOM) is de regionale ontwikkelingsmaatschappij voor de provincie Noord-Brabant. De BOM is een publieke onderneming die een brug slaat tussen ondernemers, kennisinstellingen en overheid. De organisatie kent daarbij geen commercieel doelstellingen maar richt haar dienstverlening op het duurzaam versterken van de Brabantse economie, zowel financieel als maatschappelijk. De BOM is hierdoor in staat een onafhankelijke positie in te nemen. De BOM werd in 1983, mede op aandringen van de vakbeweging, opgericht door de provincie Noord-Brabant en het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (Ministerie EZ&K). Het snel verslechterende economische klimaat in Brabant had dringend een nieuwe impuls nodig. Inmiddels is de Brabantse economie een belangrijke nationale bron van innovatie en economische groei. Met een maakindustrie op topniveau en een kenniseconomie van wereldklasse behoort Brabant zelfs tot de snelst groeiende regio’s van Europa. De uitdaging voor Brabant en daarmee ook de BOM ligt niet meer bij de problemen van vandaag, maar juist bij het kunnen realiseren van de kansen van morgen.
De BOM bouwt samen met ondernemers aan een sterke, duurzame, toekomstbestendige Brabantse economie. Ze delen kennis, vormen netwerken en verstrekken kapitaal aan vernieuwende Brabantse ondernemingen en duurzame energieprojecten. Daarnaast stimuleren ze innovatieve, buitenlandse ondernemingen om zich in Brabant te vestigen en helpen ze Brabantse bedrijven met hun uitbreiding in het buitenland. Ambities: meer economische groei, meer werkgelegenheid, oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken en een sterke concurrentiepositie voor Brabant in de wereld.

De BOM heeft haar werkingsgebied met name in de provincie Noord-Brabant, maar heeft in de context van het nationale innovatie beleid steeds meer interactie met Ministerie EZ&K, andere ROM’s (Regionale Ontwikkelmaatschappijen) en bijvoorbeeld Techleap. Het ligt voor de hand dat deze interacties in de toekomst intensiever zullen worden.

Naast de gerichte dienstverlening aan de klantsegmenten vormt ecosysteemontwikkeling een kerncompetentie van de BOM. Samen met regionale, nationale en soms internationale partners (kennisinstellingen, overheden, bedrijven) worden economisch relevante trends en (markt)ontwikkelingen verkend en geanalyseerd. Op basis van deze signaalfunctie draagt de BOM bij aan de strategische kansen en ambities voor de Brabantse economie van morgen. De opvattingen van de provincie Noord-Brabant en het Ministerie van EZ&K over het te voeren nationaal en regionaal economisch beleid zijn voor de BOM mede richtinggevend. Gezien de grote rol die de EU speelt op het gebied van (funding van) innovatie, geldt ook dat de relatie met relevante entiteiten in EU verband, belangrijker wordt.

De groepsstructuur van de BOM is privaatrechtelijk georganiseerd waarbij BOM Holding B.V. de functie als houdstermaatschappij kent. De verschillende bedrijfsactiviteiten zijn ondergebracht in 13 (in)directe dochterondernemingen. De provincie Noord-Brabant is enig aandeelhouder van BOM Holding B.V. (100% eigendom). Binnen de groepsstructuur is het aandeelhouderschap van BOM Business Development & Foreign Investments B.V. en van BOM Capital I B.V. gezamenlijk belegd bij BOM Holding B.V. (50,1%) en het Ministerie van EZ&K (49,9%). De Raad van Commissarissen (RvC) van deze BV’s vormt een personele unie met de RvC van BOM Holding B.V.. 

De financiering van de bedrijfsactiviteiten vindt plaats door enerzijds toekenning van exploitatie-subsidies vanuit zowel de provincie Noord-Brabant en Ministerie van EZ&K (als subsidiënten) en door kostendekking vanuit de investeringsfondsen. Te voorzien is verder dat de funding van de BOM, waar nu in grote mate door de provincie Noord-Brabant in voorzien wordt, voortdurend onder het vergrootglas zal komen te liggen.

2.  De raad van commissarissen (RvC)

De RvC heeft tot taak toezicht te houden op het door het bestuur beoogde en gevoerde beleid en de algemene gang van zaken binnen de vennootschap en de aan haar verbonden dochterondernemingen. Daarnaast staat de RvC het Bestuur met raad en advies ter zijde. De RvC houdt daarbij specifiek toezicht op de naleving van de interne procedures die door het bestuur zijn vastgesteld voor het opstellen van het jaarverslag, de jaarrekening, de kwartaal- en/of halfjaarcijfers en ad hoc financiële informatie. De RvC is werkgever van het bestuur van de BOM.

3.  Omvang van de Raad van Commissarissen

De RvC zal in beginsel zijn samengesteld uit drie en maximaal vijf natuurlijke personen waarbij de provincie Noord-Brabant benoemingsrecht heeft voor minimaal twee leden en het Ministerie van EZ&K het benoemingsrecht heeft voor een lid. De benoeming van een eventueel vijfde lid is voorbehouden aan de RvC, na voorafgaande afstemming van het profiel met beide aandeelhouders.

Lid van de RvC kunnen niet zijn:

  • Bestuurders van – en/of personen in dienst van regionale of lokale (Brabantse) overheden of aan de regionale overheid gelieerde organisaties (bv. bestuursorganen of deelnemingen);
  • Personen in dienst van de BOM of van een van de BOM afhankelijke vennootschap.

Commissarissen worden benoemd voor een periode van vier jaar. Herbenoeming voor één periode van vier jaar is mogelijk.

4.  Kennis, vaardigheden en overige kwaliteiten

4.1. Inhoudelijke kwaliteiten
Voor een juiste vervulling van zijn taken dient de Raad, gespreid over zijn leden, te beschikken over kennis, vaardigheden en (inter)nationale ervaring betreffende:

  • regionale, nationale en Europese economische ontwikkelingen, meer specifiek rondom (cross-sectorale) innovaties in het bedrijfsleven, valorisatie van kennis en het ontwikkelen van businesskansen, alsmede van foreign investment-ontwikkelingen (acquisitie en verankering buitenlandse ondernemingen);
  • vraagstukken waar innovatieve en ambitieuze mkb-ondernemingen mee worden geconfronteerd bij de groei en internationalisering van hun ondernemingsactiviteiten;
  • het functioneren van venture capital of fonds- c.q. projectinvesteringen en van (complexe) financiële processen in het algemeen;
  • alle aspecten van moderne bedrijfsvoering van profit-organisaties op het grensvlak van overheid en bedrijfsleven (w.o. strategievorming, leidinggeven, business control, ICT, HRM, medezeggenschap);
  • het functioneren van regionale, rijks- en Europese overheidsorganisaties, alsmede van onderwijs- en kennisinstellingen.

Daarnaast is belangrijk dat commissarissen over een relevant (regionaal) netwerk beschikken en vertrouwd zijn met de bijdrage die de BOM hieraan kan leveren. Tevens is van belang dat de Raad beschikt over inzicht de rol en het functioneren van overheidsdeelnemingen in brede zin en in daaraan gerelateerde juridische aangelegenheden.

Concreet betekent dit dat binnen de RvC ten minste de volgende kwaliteiten aanwezig moeten zijn:

4.1.a. Algemeen management
Deze kwaliteit is met name van belang voor het profiel van de voorzitter van de RvC. Ervaring opgedaan met het ondernemen en managen van bedrijfsorganisaties in concurrentie met derden en bij voorkeur als lid/voorzitter Raad van Bestuur van een (middel) grote onderneming in Nederland dan wel ervaring op hoogste bestuurlijke nivo’s passen in het gewenste profiel.  Hij /zij dient op een uitstekend strategisch inzicht te hebben en in staat te zijn de reikwijdte van de genomen beslissingen op de onderneming en het betrokken personeel goed in te schatten. Op basis van brede ervaring en het (inter)nationale netwerk van contacten is hij/zij in staat een controlerende, faciliterende en coachende rol te spelen in het frequente contact met het bestuur. Tot besluit is hij/zij in staat om, in overleg met de andere commissarissen, bij ontstentenis van de directie maatregelen te nemen om in de leiding van de BOM te voorzien.
4.1.b. Kennisvalorisatie en gebiedsontwikkeling
Het functioneren van de BOM op het scheidsvlak van overheid en bedrijfsleven vergt vooral adequate kennis van (cross-sectorale) innovatieve ontwikkelingen, clustervorming, valorisatie van kennis (kennis, kunde, kassa) en innovatieve werklocaties (o.m. campusbeleid). De op dit gebied deskundige commissaris(sen) heeft/hebben op dit aandachtsgebied bij voorkeur een actieve rol (vervuld) en is/zijn tevens bekend met de regionale en (inter)nationale economische ontwikkelingen op dit terrein.
4.1.c. Financiële deskundigheid
Dit aandachtsgebied wordt binnen de RvC ingevuld door één (of meer) commissaris(sen) die ruime ervaring heeft/hebben in een eindverantwoordelijke financiële functie in het bedrijfsleven op gebied van business en financial control. Bij voorkeur als financieel directeur van een (middel)grote onderneming. Voorts strekt bekendheid met het veld van de private kapitaalmarkt tot aanbeveling.
4.1.d. Overheidsorganisaties
Een van de commissarissen is goed bekend met de werking en inrichting van overheidsorganisaties op regionaal en nationaal niveau. Hij beschikt over een brede maatschappelijke ervaring en heeft een goed ontwikkeld gevoel voor politieke processen. Ervaring met en kennis van het Europese (financieel-economische) beleid en de regelgeving van de Europese Commissie strekt tot aanbeveling. 

4.2. Persoonlijke kwaliteiten

  • Iedere commissaris dient over de volgende eigenschappen te beschikken:
  • analytische denken en is in staat tot een goede oordeelsvorming te komen;
  • is in staat om de hoofdlijnen van het totale beleid van de BOM te beoordelen;
  • beschikt over voldoende tijd om op adequate wijze toezicht te houden op het beleid van de directie en de algemene gang van zaken bij de BOM;
  • is bereid door middel van bijscholing zijn kennis die nodig is voor het goed uitoefenen van zijn functie actueel te houden;
  • is in staat de directie met (een positief kritisch) advies ter zijde te staan bij de voorbereiding en de uitvoering van beleid;
  • is in staat om ten opzichte van de andere leden van de RvC en de directie onafhankelijk en kritisch te opereren;
  • is in staat in de uitoefening van zijn toezichthoudende taak aan de hoogste eisen van onafhankelijkheid (geen onverenigbare belangen, posities of relaties) te voldoen. De commissaris dient bij zijn toezichtfunctie iedere schijn van belangenverstrengeling te vermijden;
  • is in staat om zich te laten leiden door het belang van de BOM en de met haar verbonden onderneming(en), de taak te vervullen zonder mandaat en zich niet te committeren aan een bepaald deelbelang met voorbijgaan aan andere betrokken belangen;
  • is integer en zorgvuldig en heeft een sterk normbesef;
  • is bereid tot het afleggen van een (transparante) verantwoording. Hierbij gaat het niet alleen om de aandeelhouders, maar ook meer in het algemeen om maatschappelijke verantwoording.

Overig
Er is sprake van een goede onderlinge vertrouwensrelatie, zodat de RvC als college kan functioneren en zijn verantwoordelijkheden kan nemen. De BOM – hoewel niet verplicht – volgt de Nederlandse Corporate Governance Code voor goed ondernemingsbestuur. De RvC ziet toe op een juiste toepassing van en verantwoording over de Code. Op initiatief van de voorzitter van de RvC vindt eenmaal per jaar een evaluatie van het functioneren van de RvC plaats.

Bij een voordracht of (her)benoeming van een lid van de RvC vindt toetsing plaats of aan het geheel van uitgangspunten van deze profielschets en de gewenste samenstelling wordt voldaan. De RvC streeft naar een gemengde samenstelling, onder meer met betrekking tot geslacht, leeftijd, afkomst en achtergrond.

5.  Over de vacature Lid Raad van Commissarissen

Vanwege het verstrijken van de zittingstermijn van één van de commissarissen aan het einde van 2020 ontstaat er een vacature voor een lid RvC. Voor deze vacature is de BOM op zoek naar een kandidaat die een sterke achtergrond heeft op gebied van Research en Development en ervaring dan wel affiniteit heeft met:

  • de thema’s waar de BOM actief in is;
  • het ondersteunen van startende en snelgroeiende bedrijven die werken aan innovatieve PMC’s.

 
Het strekt verder tot aanbeveling dat de kandidaat:

  • de (inter)nationale wereld van startups (met bijbehorende ecosystemen, business development en investeerders) kent;
  •  bekend is met het samenwerken met kennisinstellingen en (semi)overheidsorganisaties;
  • een gedegen en actief publiek en privaat netwerk heeft in Brabant.

 

6.  Over de procedure

De BOM laat zich in deze procedure begeleiden door Karen Kragt en Nicole Boevé, partners bij Van der Laan & Co. Zij zullen de eerste selectiegesprekken voeren met kandidaten voor deze rol. Bij potentiele geschiktheid zullen zij de kandidaatprofielen presenteren aan de selectiecommissie van de BOM, bestaande uit René Penning de Vries (voorzitter RvC) en Ronald Slaats (Lid RvC en remuneratiecommissie). Op basis hiervan worden kandidaten geselecteerd en uitgenodigd voor een gesprek met de selectiecommissie. Tot slot volgt nog een kennismaking met de andere leden van de RvC, de directie en een delegatie van de aandeelhouders. De benoeming van het nieuwe lid vindt plaats in de Aandeelhoudersvergadering. Het inwinnen van referenties en het raadplegen van openbare bronnen (vb. internet, social media) m.b.t. uitingen die de persoonlijke integriteit of reputatie aangaan en de netwerken van de kandidaat om eventuele belangenverstrengeling of de schijn daarvan zo veel mogelijk uit te sluiten, is onderdeel van de procedure.

U kunt uw cv met motivatie uploaden via de vacature op de website van Van der Laan & Co.
Voor vragen kunt u contact opnemen met Karen Kragt of Nicole Boevé via 035 5480760.